ECLI:NL:RBNHO:2016:11229
Rechtbank Noord-Holland · 20-12-2016 · zaaknummer 5516520 OA VERZ 16-418
Inhoudsindicatie
Het verzoek van de werknemer om vernietiging van een ontslag op staande voet en om de werkgever te veroordelen tot betaling van een transitievergoeding wordt niet-ontvankelijk verklaard, omdat het buiten de vervaltermijn is ingediend. Het verzoek is aanvankelijk ingediend alleen met betrekking tot de vernietiging van het ontslag en later vermeerderd met het verzoek ten aanzien van de transitievergoeding. Die vermeerdering was op zichzelf mogelijk op grond van artikel 283 Rv. Als datum waarop het verzoek ten aanzien van de transitievergoeding is ingediend, moet worden uitgegaan van de datum waarop de vermeerdering van het verzoek is ingediend. Daarbij wordt in aanmerking genomen dat het verzoek betreffende de transitievergoeding een nieuw verzoek is, dat losstaat van de vernietiging van het ontslag op staande voet, dat dit verzoek ook een andere feitelijke en juridische grondslag heeft, en dat de vervaltermijn daarvan ook in een afzonderlijk onderdeel van artikel 7:686a lid 4 BW is geregeld.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
