ECLI:NL:RBNHO:2015:1985
Rechtbank Noord-Holland · 23-03-2015 · zaaknummer AWB - 14 _ 1993
Inhoudsindicatie
Rechtbank niet eens met standpunt van eiser dat het percentage van 4 denkbeeldige inkomsten creëert. Uit de tekst van artikel 5.2, eerste lid, eerste volzin, van de Wet IB 2001 (“Het voordeel uit sparen en beleggen wordt gesteld op 4% (forfaitair rendement) van de grondslag sparen en beleggen.”) blijkt dat de wetgever daadwerkelijk een forfaitair rendement voor ogen heeft gehad, onafhankelijk van het daadwerkelijk door de desbetreffende belastingplichtige behaalde rendement.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
