ECLI:NL:RBNHO:2014:2741
Rechtbank Noord-Holland · 25-03-2014 · zaaknummer 15/840070-11
Inhoudsindicatie
Promis; invoer verdovende middelen (cocaïne, in zending bloemen) en voorhanden hebben van wapens en munitie en verdovende middelen (hasjiesj); bewijsoverweging; bewezenverklaring; straftoemeting. Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan de opzettelijke invoer van 10.871 gram van een materiaal bevattende cocaïne. Dit is een voor de gezondheid van personen schadelijke stof. De ingevoerde hoeveelheid was van dien aard, dat deze bestemd moet zijn geweest voor verdere verspreiding en handel. De verspreiding van en handel in cocaïne gaan gepaard met vele andere vormen van criminaliteit, waaronder de door gebruikers gepleegde strafbare feiten ter financiering van hun behoefte aan deze stof. De rechtbank rekent het verdachte aan dat hij zich heeft ingelaten met de handel in deze zeer schadelijke stof. Verdachte heeft een essentiële rol gespeeld door zijn bedrijf te gebruiken als dekmantel en aldus zichzelf en (een) ander(en) onder het mom van legale bedrijfsvoering in staat te stellen op bedrijfsmatige wijze cocaïne in te voeren.
Advocaten
Officier van justitie
- M. Kubbinga
officier van justitie
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
