ECLI:NL:RBNHO:2014:10857
Rechtbank Noord-Holland · 20-11-2014 · zaaknummer C-15-218411 - KG ZA 14-523
Inhoudsindicatie
Concurrentiebeding De primaire vraag is hoe de zinsnede “same branche of industry”, zoals opgenomen in artikel 9 van het concurrentiebeding, moet worden uitgelegd. De vraag hoe in een schriftelijk contract de verhouding van partijen is geregeld en of dit contract een leemte laat die moet worden aangevuld, kan in beginsel niet worden beantwoord op grond van alleen maar een zuiver taalkundige uitleg van de bepalingen van dat contract. Nu de desbetreffende bepaling een concurrentiebeding betreft en een dergelijk beding de werknemer beperkt in zijn recht om na het einde van de arbeidsovereenkomst werkzaam te zijn op een wijze die hij geheel zelf heeft gekozen, heeft de wetgever de rechtsgeldigheid van een concurrentiebeding in artikel 7:653 Burgerlijk Wetboek (BW) aan een aantal voorwaarden onderworpen. Daarnaast is door de wetgever in voormeld artikel om die reden de mogelijkheid gecreëerd tot (gedeeltelijke) vernietiging indien het beding in verhouding tot het van de werkgever te beschermen belang voor de werknemer onbillijk nadeel met zich meebrengt. Nu een concurrentiebeding de werknemer derhalve treft in een zwaarwegend belang, is de voorzieningenrechter van oordeel dat de omvang van een concurrentiebeding voor de werknemer duidelijk moet zijn en dat bij onduidelijkheid over de inhoud daarvan, het beding in het algemeen in het voordeel van de werknemer dient te worden uitgelegd. Op grond van het voorgaande en nu over de ontstaansgeschiedenis van het concurrentiebeding geen stellingen in het geding zijn gebracht, zal de voorzieningenrechter de omstreden bepalingen van het concurrentiebeding in beginsel uitleggen volgens/op basis van de meest voor de hand liggende taalkundige betekenis van de woorden. De voorzieningenrechter stelt vast dat de letterlijke vertaling van “branch of industry” bedrijfstak is, een groep van bedrijven die zich bezighoudt met dezelfde bedrijfsactiviteiten met een soortgelijke indeling. Sommige van deze bedrijfsactiviteiten kunnen, indien zij op zichzelf worden bezien, evenwel ook vallen onder een andere bedrijfstak. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is de meest voor de hand liggende taalkundige betekenis van het concurrentiebeding en specifiek de zinsnede “the same branche of industry” de door gedaagde gegeven lezing. Die lezing houdt in dat onder “branche of industry” in het geval van De Tuinen moet worden verstaan een drogisterij/gezondheidswinkel en dat het eiser op grond van het concurrentiebeding niet was toegestaan binnen één jaar na het einde van de arbeidsovereenkomst activiteiten te verrichten binnen deze bedrijfstak. Daarnaast volgt de voorzieningenrechter eiser in zijn standpunt dat zijn bedrijf niet behoort tot de bedrijfstak waartoe De Tuinen behoort. Gelet hierop acht de voorzieningenrechter het aannemelijk dat in een eventuele bodemprocedure zal worden geoordeeld dat eiser niet in strijd met concurrentiebeding heeft gehandeld.
Rechters
Advocaten
Partijen
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
