ECLI:NL:RBNHO:2013:13048
Rechtbank Noord-Holland · 18-12-2013 · zaaknummer 15/694040-06 (ontneming)
Inhoudsindicatie
redelijke termijn; afwijzing ontnemingsvordering, ontbreken onderliggende stukken, gevolgen veroordeelde De rechtbank overweegt dat gelet op bestendige jurisprudentie van de Hoge Raad overschrijding van de redelijke termijn niet kan leiden tot de niet-ontvankelijkverklaring van het Openbaar Ministerie in de strafvervolging, onderscheidenlijk de ontnemingsvordering. Ook niet in uitzonderlijke gevallen (Hoge Raad 17 juni 2008, ECLI:NL:HR:2008:BD2578). Nu de onderliggende stukken van de strafzaak ontbreken, kan de rechtbank mede gelet op de inhoud van het verweer dat op dit punt door de verdediging is gevoerd, niet bepalen of veroordeelde op grond van het bewezenverklaarde feit uit zaaksdossier 60 daadwerkelijk wederrechtelijk voordeel heeft verkregen. In dit stadium ziet de rechtbank, gelet op de inmiddels zeer forse overschrijding van de redelijke termijn waarvoor geen goede grond bestaat, in combinatie met de relatief geringe hoogte van het gevorderde bedrag en de ingrijpende gevolgen die de onderhavige procedure voor veroordeelde met zich heeft gebracht, zoals de beslaglegging op zijn huis, geen aanleiding om de officier nog in de gelegenheid te stellen om de ontbrekende stukken alsnog aan het dossier toe te voegen.
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
