ECLI:NL:RBMNE:2022:95
Rechtbank Midden-Nederland · 12-01-2022 · zaaknummer UTR 21/2829
Inhoudsindicatie
In geschil is de ingangsdatum. Artikel 1a:11, vierde lid, van de Wajong biedt geen ruimte om de Wajong-uitkering toe te kennen met ingang van een eerdere datum dan de aanvraagdatum. Artikel 1a:11, vierde lid, van de Wajong 2015 verwijst expliciet naar het eerste lid van artikel 1a:11 van de Wajong. De rechtbank leidt hieruit af dat het vierde lid betrekking heeft op een afwijking van het uitgangspunt dat een Wajong-uitkering op aanvraag wordt ingediend. Daarmee is aan verweerder de bevoegdheid gegeven om bij wijze van uitzondering ook ambtshalve, bij gebreke aan een aanvraag, een Wajong-uitkering toe te kennen. De rechtbank ziet geen ruimte om in het vierde lid zo te lezen dat hiermee ook kan worden afgeweken van het tweede lid, dat gaat over de ingangsdatum van de Wajong-uitkering. Beroep ongegrond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiseres]
eiseres · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
