ECLI:NL:RBMNE:2017:6069
Rechtbank Midden-Nederland · 03-11-2017 · zaaknummer UTR 17/333
Inhoudsindicatie
Trefwoorden: Einduitspraak, toeslagen, zorgtoeslag, kindgebonden budget, huurtoeslag, bijzondere omstandigheden, buiten toepassing laten artikel 9, tweede lid, Awir, belang van het kind Wetsartikelen: artikel 9, tweede lid, Awir, artikel 14 EVRM Samenvatting: In haar tussenuitspraak heeft de rechtbank overwogen dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de door eiser aangevoerde omstandigheden niet zo zeer bijzonder zijn dat deze in het concrete geval er niet toe dienen te leiden dat artikel 9, tweede lid, van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen (Awir) buiten toepassing moet worden gelaten. De rechtbank heeft opgemerkt dat het te meer van belang is dat een beoordeling van eisers concrete situatie plaatsvindt, aangezien de vraag voorligt of van hem gevergd kan of kon worden om zijn echtgenote het huis uit te zetten om aanspraak te blijven maken op toeslagen. Na de tussenuitspraak heeft verweerder aanvullend gemotiveerd dat er geen sprake is van zeer bijzondere omstandigheden. Verweerder vindt het enkel benoemen van het risico dat eisers zoon een hechtingsstoornis zou kunnen ontwikkelen indien hij zou worden gescheiden van een van beide ouders onvoldoende. Verweerder wijst er daarbij op dat er wordt gesproken over een “eventuele ontwikkeling” van een reactieve hechtingsstoornis bij eisers zoon. De rechtbank is van oordeel dat verweerder met de aanvullende motivering niet in redelijkheid tot de conclusie heeft kunnen komen dat geen sprake is van omstandigheden die zo zeer bijzonder zijn dat deze er in het concrete geval van eiser toe dienen te leiden dat artikel 9, tweede lid, van de Awir buiten toepassing moet worden gelaten. Verweerder is voorbij gegaan aan eisers psychische situatie. Verder heeft verweerder niet erkend dat eisers zoon een actueel belang heeft om in aanwezigheid van beide ouders op te groeien. Door te vereisen dat de intreding van de gevolgen voor eisers zoon al vaststaat, heeft verweerder een te strenge maatstaf aangelegd en is verweerder voorbij gegaan aan het belang om die (eventuele) gevolgen juist te voorkomen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
