ECLI:NL:RBMNE:2017:107
Rechtbank Midden-Nederland · 11-01-2017 · zaaknummer 16-659830-16
Inhoudsindicatie
Vrijspraak van poging doodslag en van zware mishandeling. Een gebroken rib levert geen zwaar lichamelijk letsel op als bedoeld in artikel 82 van het Wetboek van Strafrecht. Immers is geen sprake van letsel dat geen uitzicht op volkomen genezing overlaat of van voortdurende ongeschiktheid tot uitoefening van werk of bezigheden, terwijl uit een letselbeschrijving blijkt dat geen sprake zal zijn van een blijvende beperking van fysieke functies en voorts niet is gebleken van een noodzaak tot medisch ingrijpen. Veroordeling voor zware mishandeling: het tweemaal met een hamer slaan in de linkerzijde van het slachtoffer. De rechtbank heeft de vordering tot herroeping van de voorwaardelijke invrijheidstelling toegewezen en gelast dat een gedeelte van de vrijheidsstraf dat als gevolg van de toepassing van de regeling van de voorwaardelijke invrijheidstelling niet ten uitvoer is gelegd, alsnog moet worden ondergaan.
Advocaten
Officier van justitie
- Z. Trokic
officier van justitie
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
