ECLI:NL:RBMNE:2016:647
Rechtbank Midden-Nederland · 09-02-2016 · zaaknummer 16/659545-14 (P)
Inhoudsindicatie
Man wordt verdacht van twee verkrachtingen in 2012 en 2013 in Cadzand en Houten. Daarnaast wordt de man verdacht van een aanranding in 2012 in Houten. De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de feiten heeft gepleegd en spreekt hem daarom vrij. De rechtbank dient ten aanzien van de ten laste gelegde verkrachtingen te beoordelen of de bewezen handelingen kunnen worden aangemerkt als verkrachting. Daarvoor is vereist dat het seksueel binnendringen onder dwang is gebeurd. De rechtbank oordeelt dat de verklaringen van de aangeefsters van verkrachting, onvoldoende worden ondersteund door andere bewijsmiddelen om tot een bewezenverklaring van de voor verkrachting noodzakelijke dwang te kunnen komen. De verdacht wordt door de rechtbank ook vrijgesproken voor aanranding. De rechtbank oordeelt dat de handelingen in de omstandigheden waaronder deze plaatsvonden, geen ontuchtige handelingen zijn.
Advocaten
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
