ECLI:NL:RBMNE:2016:6176
Rechtbank Midden-Nederland · 22-11-2016 · zaaknummer AWB 15/5640
Inhoudsindicatie
Vw heeft de aanvraag om een vbv regulier afgewezen en een inreisverbod van 10 jaar uitgevaardigd. De rechtbank heeft een tussenuitspraak gedaan. In haar tussenuitspraak heeft de rechtbank, kort gezegd, overwogen dat verweerder bij de oplegging van een zwaar inreisverbod van 10 jaar het begrip ‘gevaar voor de openbare orde’ moet uitleggen zoals het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJEU) heeft gedaan in het arrest van 11 juni 2015, C-554/13, Z. Zh en I.O. (ECLI:EU:2015:377). Omdat verweerder het element ‘actuele bedreiging’ niet als criterium heeft betrokken bij de oplegging van het inreisverbod en bij de beoordeling van het begrip ‘gevaar voor de openbare orde’ heeft de rechtbank verweerder in de gelegenheid gesteld dit gebrek te herstellen. Verweerder heeft een aanvullende motivering gegeven. In deze brief heeft verweerder, weliswaar in andere bewoordingen, in feite hetzelfde overwogen als in het bestreden besluit. Dat de veroordelingen van eiser leiden tot een voldoende ernstige bedreiging voor een fundamenteel belang van de samenleving volgt de rechtbank. Dit heeft verweerder voldoende gemotiveerd. Dat deze bedreiging echter actueel en werkelijk is, heeft verweerder naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende gemotiveerd. Verweerder heeft verwezen naar de gepleegde misdrijven, de ernst en de herhaling daarvan en daaruit geconcludeerd dat eiser ‘blijkbaar’ niet heeft geleerd van zijn eerdere veroordelingen. Om het gebrek te kunnen herstellen, moest verweerder onder meer reageren op de beroepsgronden en stellingen van eiser, om zo inzichtelijk te maken waarom eiser ook ten tijde van het bestreden besluit moet worden aangemerkt als een daadwerkelijk en actueel gevaar voor de openbare orde. Dit kan bijvoorbeeld door eiser te horen. Omdat verweerder dit niet heeft gedaan en zich heeft beperkt tot een herhaling van de opsomming van de gepleegde misdrijven en de vaststelling van de ernst ervan, is de rechtbank van oordeel dat verweerder het geconstateerde gebrek in het bestreden besluit niet heeft hersteld.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder · overheid
[eiser]
eiser · onbekend
Overheidspartijen
Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
