ECLI:NL:RBMNE:2016:5488
Rechtbank Midden-Nederland · 17-10-2016 · zaaknummer 16/659460-16 (P)
Inhoudsindicatie
Een 24-jarige man heeft zich samen met een ander schuldig gemaakt aan een poging tot afpersing van de werkgever van zijn vriendin. Door middel van onder meer een dreigbrief heeft hij geprobeerd het slachtoffer € 30.000,- afhandig te maken. De man is zwakbegaafd en niet eerder veroordeeld voor soortgelijke feiten. Hij heeft spijt betuigd over zijn handelen en zich na de schorsing van de voorlopige hechtenis gemotiveerd getoond om zich in te zetten voor werk en het welzijn van zijn jonge gezin. De rechtbank vindt het niet nodig dat verdachte opnieuw vast komt te zitten. De negatieve gevolgen van die detentie zouden de positieve ontwikkeling die verdachte inmiddels heeft doorgemaakt, doorbreken. Daarom zal de rechtbank het onvoorwaardelijke deel van de gevangenisstraf gelijk stellen aan de tijd die verdachte inmiddels in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht. Dat betekent dat van deze 365 dagen gevangenisstraf een gedeelte van 268 dagen voorwaardelijk wordt opgelegd, met een proeftijd van 2 jaren. Daarnaast legt de rechtbank een taakstraf op van 240 uur.
Advocaten
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
