Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBMNE:2016:2476

Rechtbank Midden-Nederland · 04-03-2016 · zaaknummer AWB 15 /4182

BestuursrechtGepubliceerd 28-04-2016
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Eiseres is in 1997 opgericht in het kader van een onderwijskundig experiment, waarbinnen het onderwijs aan leerlingen met een handicap of stoornis, als gevolg van het ontbreken van speciaal onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs in Almere, op experimentele wijze is vormgegeven. Daartoe is een convenant gesloten tussen eiseres en verweerder, waarin onder andere afspraken zijn neergelegd met betrekking tot de bekostiging van eiseres. Het bestreden besluit gaat over de bekostiging van 14 geïndiceerde leerlingen, waarvan niet in geschil is dat eiseres de begeleiding heeft verzorgd. Tussen partijen is in geschil of de registratie van een andere begeleidende instantie in het BRON, de bekostiging aan eiseres in de weg staat. De rechtbank stelt vast dat in het convenant dat tussen partijen is gesloten niet is bepaald dat bekostiging van eiseres plaatsvindt op eigen opgave onder de voorwaarde dat geen andere begeleidende instelling in het BRON is gemeld noch dat de registratie in het BRON leidend is. Het feit dat ten tijde van belang in de wet was neergelegd dat de reguliere school in het BRON registreert bij welke school of instelling het leerlinggebonden budget wordt besteed en er conform deze wettelijke systematiek dan ook vanuit gegaan mag worden dat die school of instelling de ambulante begeleiding daadwerkelijk verzorgt, is in dit geval niet doorslaggevend. Juist omdat sprake was van een experiment, waarin de wettelijke bepalingen niet integraal toepasbaar waren. Eiseres beschikte immers niet over een BRIN-nummer en kon dus niet geregistreerd worden als begeleidende instelling. Als oplossing hiervoor is gekozen voor een van de wettelijke systematiek afwijkend systeem waarin de reguliere scholen de geïndiceerde leerlingen als regulier dienden te registreren en geen verwijzing naar eiseres als ambulant begeleider dienden op te nemen. De rechtbank stelt vast dat uit het systeem van de gekozen wijze van registreren voortvloeit dat eiseres voor haar bekostiging afhankelijk was van de juistheid van de registratie, of beter gezegd, het niet registreren van een ambulante begeleider door de reguliere scholen. Verweerder legt het risico van fouten door de reguliere scholen in de registratie bij eiseres. De rechtbank is van oordeel dat dit niet redelijk is. Eiseres heeft onbestreden gedaan wat zij kon om de reguliere scholen te informeren en had het verder niet in haar macht om tot een juiste registratie te komen. Daar komt nog bij dat verweerder degene was die zowel beschikte over de registratiegegevens in het BRON als de gegevens die eiseres aanleverde. Het lag dan ook op de weg van verweerder om een controle uit te voeren alvorens tot betaling aan de (onjuist geregistreerde) begeleidende instelling of school over te gaan. Dat verweerder dit niet heeft gedaan, komt voor zijn risico. Daarbij acht de rechtbank nog van belang dat verweerder degene is die kan overgaan tot terugvordering van ten onrechte uitbetaalde leerlinggebonden budgetten aan deze instellingen en niet eiseres. De beroepsgrond slaagt.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.