ECLI:NL:RBMNE:2015:4635
Rechtbank Midden-Nederland · 24-06-2015 · zaaknummer 3299514 UC EXPL 14-12477
Inhoudsindicatie
Wet op het Consumentenkrediet. Doorlopend krediet. De algemene voorwaarden bevatten een beding op grond waarvan de consument na opeising van de kredietsom contractuele vertragingsrente over het openstaande saldo verschuldigd is. De kantonrechter oordeelt dat dit een oneerlijk beding is in de zin van artikel 2 sub a juncto artikel 3 lid 1 Richtlijn 93/13. Toepassing van het beding leidt dat de consument een vertragingsrente moet betalen die de wettelijke rente substantieel te boven gaat terwijl hij geen gebruik meer kan maken van de kredietfaciliteiten. Naar het oordeel van de kantonrechter wordt hiermee een onevenredig hoge schadevergoeding aan de consument opgelegd. Het beding dient derhalve op grond van artikel 3:40 en 6:233 onder a Burgerlijk Wetboek buiten toepassing te blijven.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
