ECLI:NL:RBMNE:2015:4255
Rechtbank Midden-Nederland · 11-06-2015 · zaaknummer AWB - 14 _ 7147
Inhoudsindicatie
Proceskostenvergoeding, Wet Dwangsom en niet tijdig beslissen Samenvatting: Eisers hebben bezwaar gemaakt tegen een besluit waarbij verweerder geweigerd heeft een dwangsom toe te kennen. Dit bezwaar is in eerste instantie ongegrond verklaard, maar dit besluit is later ingetrokken. Verweerder heeft een nieuw besluit op bezwaar genomen en alsnog een dwangsom toegekend. Daarbij heeft verweerder een proceskostenvergoeding voor de bezwaarfase toegekend met de wegingsfactor ‘zeer licht’. Tegen dit laatste hebben eisers beroepsgronden gericht. De rechtbank overweegt hierover het volgende. Volgens vaste jurisprudentie ABRvS geldt als uitgangspunt dat de behandeling van een zaak in de bezwaar- en beroepsprocedure tot de categorie ‘gemiddeld’ behoort, tenzij een duidelijke reden voor afwijking van dit uitgangspunt bestaat. Het gewicht van een zaak wordt als ‘zeer licht’ aangemerkt, indien het geschil het niet tijdig nemen van een besluit betreft. Daarvan is hier geen sprake. Het bezwaar was immers gericht tegen een besluit, waarbij is geweigerd een dwangsom toe te kennen. De rechtbank ziet geen aanleiding om het bezwaar tegen dit besluit anders te behandelen dan een bezwaar tegen een ander besluit en volgt verweerder niet in zijn standpunt dat uit de jurisprudentie van de ABRvS zou volgen dat alle procedures die zien op de Wet dwangsom van zeer licht gewicht zijn. De rechtbank verwijst daartoe in het bijzonder naar de uitspraak van de ABRvS van 25 maart 2015, waarin de ABRvS heeft overwogen dat juist omdat het ingestelde beroep zich niet slechts richtte tegen het niet-tijdig nemen van een besluit, maar eveneens tegen het besluit waarbij de verweerder in die zaak had vastgesteld dat hij geen dwangsom was verschuldigd, de rechtbank ten onrechte de wegingsfactor ‘zeer licht’ had toegepast. Dat in deze zaak het bezwaar zich uitsluitend richtte tegen het niet toekennen van een dwangsom, maakt dit niet anders. Verweerder heeft dus in deze zaak ten onrechte de wegingsfactor 0,25 toegepast.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
de staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
