ECLI:NL:RBMNE:2014:6563
Rechtbank Midden-Nederland · 18-11-2014 · zaaknummer AWB 14-24469 en AWB 14-24468
Inhoudsindicatie
Wetsartikelen: art. 31, tweede lid, aanhef en onder f, van de Vw 2000. Voor zover verzoeker beoogt te betogen dat de voorzieningenrechter de zaak moet aanhouden omdat er bij het HvJEU nog prejudiciële vragen aanhangig zijn en deze de wijze van toetsing van de geloofwaardigheid ter zake van asielaanvragen van homoseksuelen betreffen, volgt de voorzieningenrechter verzoeker daarin niet. De voorzieningenrechter overweegt dat de ABRvS in de uitspraak van 20 maart 2013 (ECLI:NL:RVS:2013:BZ4985) een onderscheid maakt tussen enerzijds de gevallen waarin een vreemdeling zelf heeft verklaard dat hij in zijn land van herkomst, dan wel in Nederland, concreet uiting aan zijn seksuele gerichtheid heeft gegeven en anderzijds de gevallen waarin een vreemdeling die stelt een bepaalde seksuele gerichtheid te hebben, er tot nu toe van heeft afgezien daaraan op enigerlei wijze uiting te geven, om voorafgaand aan zijn vertrek uit het land van herkomst problemen te voorkomen met actoren van vervolging, dan wel, gelet op de situatie in het land van herkomst, moeite heeft over die seksuele gerichtheid te verklaren in het kader van de asielprocedure. De voorzieningenrechter overweegt dat de prejudiciële vragen die de ABRvS in voornoemde uitspraak van 20 maart 2013 stelt over de wijze van beoordelen van de geloofwaardigheid van een gestelde seksuele gerichtheid, alleen betrekking hebben op de laatste categorie gevallen zoals hiervoor genoemd. De voorzieningenrechter stelt vast dat verzoeker zelf heeft verklaard dat hij in Jamaica concreet uiting aan zijn seksuele gerichtheid heeft gegeven door middel van zijn relatie met [X]. Ook heeft verzoeker er geen blijk van gegeven dat hij in het kader van zijn asielprocedure moeite heeft over zijn seksuele gerichtheid te verklaren. Gelet hierop hebben de prejudiciële vragen die de ABRvS heeft gesteld, geen betrekking op de situatie van verzoeker en ziet de voorzieningenrechter dan ook geen aanleiding om de voorlopige voorziening toe te wijzen en de behandeling van het beroep aan te houden in afwachting van de beantwoording van de door de ABRvS gestelde prejudiciële vragen aan het HvJEU. Nu verweerder zich in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat van het asielrelaas van verzoeker geen positieve overtuigingskracht uitgaat, is de voorzieningenrechter van oordeel dat verweerder de door verzoeker gestelde homoseksualiteit ook niet geloofwaardig hoefde te achten. Daarbij heeft verweerder mogen betrekken dat verzoeker tegenstrijdige verklaringen heeft afgelegd over de duur van zijn relatie met [X]. Verzoeker heeft eerst verklaard dat hij vier jaar lang met [X] een relatie had en later heeft verzoeker verklaard dat de relatie twee jaar duurde. Verder heeft verzoeker niet of nauwelijks verklaard over [X], behalve dan dat het een aardige man was. Nu verzoeker niet of nauwelijks heeft kunnen verklaren over dergelijke zaken die nauw samenhangen met de door verzoeker gestelde homoseksuele gerichtheid en het uiten daarvan, heeft verweerder in redelijkheid tot de slotsom kunnen komen dat de homoseksuele gerichtheid van verzoeker daarom eveneens ongeloofwaardig is. De voorzieningenrechter verwijst naar voornoemde uitspraak van de ABRvS van 20 maart 2013, rechtsoverwegingen 13.2 en 13.3.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder · overheid
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
Overheidspartijen
Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
