Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBMNE:2014:3899

Rechtbank Midden-Nederland · 29-08-2014 · zaaknummer AWB - 13 _ 5521

BestuursrechtGepubliceerd 04-09-2014
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

: Herziening, intrekking en terugvordering Wwb-uitkering; Vertrouwensbeginsel; Immateriële schadevergoeding; Vernietiging verrekeningsbesluit; Wettelijke rente Wetsartikelen: art. 54, derde lid, aanhef en onder b, Wwb; art. 8:88, eerste lid, aanhef en onder a, Awb; art. 6:106 BW; art. 4:125 Awb; art. 4:102 Awb. Samenvatting: Geen geslaagd beroep op het vertrouwensbeginsel omdat uit de door eiseres overgelegde telefoonnotities van de telefoongesprekken die zij met medewerkers van de gemeente heeft gevoerd, niet blijkt dat haar toezeggingen zijn gedaan op grond waarvan zij erop mocht vertrouwen dat verweerder niet tot herziening van het recht op bijstand zou overgaan. Ook in hetgeen eiseres overigens heeft aangevoerd ligt geen reden waarom verweerder niet van zijn herzieningsbevoegdheid gebruik zou mogen maken, temeer niet nu met de herziening een met de wet strijdige situatie wordt opgeheven (eiseres ontving vanaf 1 november 2012 ten onrechte toeslagen van 20% (in plaats van 10%). Voorts is het door eiseres aangevoerde financiële belang inmiddels vervallen. Geestelijk letsel van een benadeelde kan onder omstandigheden worden aangemerkt als een aantasting van zijn persoon, die overeenkomstig artikel 6:106, eerste lid, aanhef en onder b, van het BW, recht geeft op een vergoeding van immateriële schade. Wil geestelijk letsel, waardoor iemand in zijn persoon is aangetast, recht geven op immateriële schadevergoeding, dan is vereist dat het bestaan van geestelijk letsel in rechte kan worden vastgesteld, wat in het algemeen slechts het geval zal zijn indien sprake is van een in de psychiatrie erkend ziektebeeld. Voorts zal de partij die zich op aantasting van de persoon beroept voldoende concrete gegevens moeten aanvoeren waaruit kan volgen dat in verband met de omstandigheden van het geval een psychische beschadiging is ontstaan waartoe nodig is dat naar objectieve maatstaven het bestaan van geestelijk letsel is of had kunnen zijn vastgesteld. Gelet op de door eiseres overgelegde brief van de psycholoog waarin deze melding maakt van emotionele en geestelijke schade in verband verweerders handelen, is het aannemelijk dat bij eiseres psychisch onbehagen is ontstaan door de terugvordering van haar bijstandsuitkering. Eiseres is er niet in geslaagd aannemelijk te maken dat zij dientengevolge zodanig heeft geleden dat sprake is van geestelijk letsel dat kan worden beschouwd als een ernstige inbreuk op haar persoonlijke levenssfeer dan wel op andere. De enkele mededeling van de psycholoog, in de door eiseres overgelegde brief, dat eiseres als gevolg van het handelen van verweerder geestelijke schade heeft opgelopen, is onvoldoende geobjectiveerd onderbouwd nu daaruit niet blijkt welk ziektebeeld is ontwikkeld en zelfs niet waaruit die schade bestaat en hoe deze heeft kunnen ontstaan. Het verzoek om schadevergoeding wordt daarom afgewezen.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Partijen

  • [eiseres]

    eiseres · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.