ECLI:NL:RBMNE:2014:20
Rechtbank Midden-Nederland · 15-01-2014 · zaaknummer C-16-343886 - HL ZA 13-135
Inhoudsindicatie
Partijen in dit geschil hebben een vaststellingsovereenkomst gesloten en deze laten vastleggen in het proces-verbaal van de comparitie. Nadien twisten zij over de uitleg van deze overeenkomst. Eén partij beroept zich daarbij op (wederzijdse) dwaling. Partijen kunnen in beginsel geen beroep doen op dwaling met betrekking tot de onderwerpen, waarover juist werd getwist of onzekerheid bestond. Blijkt evenwel een misvatting ten aanzien van hetgeen partijen als zeker en onbetwist aan hun overeenkomst ten grondslag hebben gelegd dan is een beroep op dwaling mogelijk wel gerechtvaardigd. In dit geval is het beroep op dwaling afgewezen omdat beide partijen wisten waar het over ging.
Rechters
Advocaten
- J.C. Klompé
- M.C.P. de Ridder
- P.A.J. Raaijmaakers
Partijen
[eiseres]
eiseres · onbekend
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
