Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBMAA:2002:AE0932

Rechtbank Maastricht · 07-03-2002 · zaaknummer AWB 01/1192 AW I GIF

Bestuursrecht; Bestuursrecht; AmbtenarenrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

AOW-pensioen dient in de berekening van de hoogte van de tegemoetkoming in de ziektekosten te worden meegenomen. Aan eiser is een tegemoetkoming in de ziektekosten ingevolge de ZVR-regeling toegekend. Daarbij heeft verweerder eisers AOW-pensioen meegeteld bij het bepalen van de voor de ZVR relevante inkomsten. Eiser is van mening dat dit pensioen niet meegeteld dient te worden. De rechtbank heeft overwogen dat aan art. 1 Besluit ZVR onderdeel d is toegevoegd waarin staat vermeld dat onder inkomsten wordt verstaan uitkeringen krachtens de Algemene Ouderdomswet (...). Dit artikellid is in werking getreden per 8 april 2001 en werkt terug tot 3 augustus 1998. Verweerder heeft daarbij gesteld dat het nooit de bedoeling is geweest van de wetgever het AOW-pensioen en enkele andere inkomensbestanddelen niet te rekenen tot het Z.v.-inkomen. Voorts heeft verweerder gesteld dat de wijziging van het Besluit ZVR niets anders is dan een verduidelijking van bestendig beleid. Er is nu expliciet opgenomen dat tot de inkomsten eveneens behoort de uitkering ingevolge de AOW. Het betreft dan ook geen inhoudelijke wijziging van de uitvoering van de regeling, maar slechts een bevestiging van de bestaande uitvoeringspraktijk. De rechtbank is - anders dan de rechtbank Amsterdam - van oordeel dat niet kan worden gezegd dat verweerder een onjuiste uitleg heeft gegeven aan het begrip inkomsten uit de ZVR-regeling. De rechtbank baseert zich voor dit oordeel onder meer op de uitleg van verweerder dat bij de berekening van de hoogte van de tegemoetkoming steeds, ook onder de voorloper van de ZVR-regeling, is uitgegaan van het AOW-pensioen. Die uitleg strookt met de in de ZVR-regeling gegeven definitie van het begrip inkomsten. Dat het om bestendig beleid gaat, blijkt ook uit het gegeven dat de verstrekte tegemoetkomingen alle zijn gebaseerd op het aan de betrokkene toekomende AOW-pensioen. Het voorgaande houdt in dat de rechtbank de stelling van eiser verwerpt dat verweerder - kort gezegd - niet met terugwerkende kracht had mogen bepalen dat het AOW-pensioen bij de bijdragevaststelling ingevolge de ZVR-regeling wordt meegenomen. Beroep ongegrond. Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties - Directeur Dienst Ziektekostenvoorziening Overheidspersoneel - , verweerder. mr. M.C.A.E. van Binnebeke Regeling ziektekostenvoorziening rijkspersoneel (de ZVR-regeling) 1, 2.b.1 Besluit uitvoering Regeling ziektekostenvoorziening rijkspersoneel (het Besluit ZVR) (AD2001/U61747, Stcrt. 2001, 60) 1, 4.1.c

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.