ECLI:NL:RBLIM:2025:8782
Rechtbank Limburg · 09-09-2025 · zaaknummer 03.071859.25
Inhoudsindicatie
De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een poging tot brandstichting, dan wel het teweegbrengen van een ontploffing in zijn appartement door de gaskraan open te draaien, de gasslang te beschadigen, de ramen en deuren gesloten te houden en een sigaret op te steken. De rechtbank komt tot de conclusie dat het tenlastegelegde in verminderde mate aan de verdachte is toe te rekenen. De rechtbank ziet dat hulpverlening en behandeling van de verdachte noodzakelijk is om herhaling te voorkomen. Zowel de verdachte als de maatschappij is er naar het oordeel van de rechtbank dan ook het meest bij gebaat als het accent in de strafoplegging daarop ziet. Alles afwegende zal de rechtbank een gevangenisstraf voor de duur van 730 dagen – met aftrek van het voorarrest van 174 dagen – waarvan 556 dagen voorwaardelijk opleggen. De rechtbank zal daaraan de door de reclassering geadviseerde bijzondere voorwaarden koppelen met een proeftijd van 3 jaren. De rechtbank zal de bijzondere voorwaarden en het reclasseringstoezicht dadelijk uitvoerbaar verklaren overeenkomstig artikel 14e Sr. Om het continueren van de behandeling te waarborgen en te voorkomen dat de verdachte, bij het schenden van de voorwaarden, onbehandeld terugkomt in de maatschappij, zal de rechtbank ook een gedragsbeïnvloedende en vrijheidsbeperkende maatregel opleggen.
Advocaten
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
