ECLI:NL:RBLIM:2023:7419
Rechtbank Limburg · 19-12-2023 · zaaknummer 03.102784.23; 03.012006.22 (tul)
Inhoudsindicatie
De verdachte heeft aangeefster op 23 december 2021 eerst vreselijk toegetakeld, om haar vervolgens te vernederen door het plegen van ontuchtige handelingen, dit terwijl de aangeefster ongesteld was. In mei 2022 heeft de verdachte de aangeefster op brute wijze mishandeld en (anaal) verkracht. Ook heeft hij haar in een periode meermaals mishandeld. Met zijn gedrag heeft de verdachte een ernstige inbreuk gemaakt op lichamelijk en geestelijke integriteit van zijn toenmalige partner. De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 40 maanden, waarvan 12 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren en, aan het voorwaardelijke deel gekoppeld, de bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering. De rechtbank veroordeelt de verdachte tot betaling aan de benadeelde partij van een bedrag van € 11.204,00, bestaande uit € 1.204,00 materiële schade en € 10.000,00 immateriële schade.
Rechters
Advocaten
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
