ECLI:NL:RBLIM:2022:6045
Rechtbank Limburg · 05-08-2022 · zaaknummer ROE 22 / 1495
Inhoudsindicatie
Weigering ontheffing van het verbod om spreeuwen te vangen en te doden ten behoeve van de bessenteelt. Het dragende punt van het bestreden besluit is de toets aan artikel 3.3, vierde lid, van de Wnb, waaruit volgt dat ontheffingen pas mogelijk zijn als er, voor zover hier relevant, geen andere bevredigende oplossing bestaat. Bij die toetsing komen vragen aan de orde waarvan de beoordeling het kader van onderhavige voorlopige voorzieningenprocedure hangende bezwaar te buiten gaan. De voorzieningenrechter weegt de belangen van verzoekers bij het beschermen van hun oogsten voor de resterende duur van het oogstseizoen zwaarder dan het meer principiële belang van verweerder, terwijl partijen het er over eens zijn dat de gevraagde ontheffing voor gebruik van vangkooien, met gefokte lokvogels, diervriendelijk en efficiënt is. Voorlopige voorziening getroffen dat de gevraagde ontheffingen moeten worden geacht te zijn verleend onder dezelfde voorschriften als in de besluiten van 21 maart 2021 is gebeurd, met dien verstande dat gebruik wordt gemaakt van gefokte lokvogels.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
het college van gedeputeerde staten van de provincie Limburg
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van gedeputeerde staten van de provincie Limburg
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
