ECLI:NL:RBLIM:2022:575
Rechtbank Limburg · 27-01-2022 · zaaknummer 03/721076-18
Inhoudsindicatie
De rechtbank acht bewezen dat de verdachte als lid van een criminele organisatie hennepstekken heeft vervoerd. Voorts acht de rechtbank bewezen dat de verdachte voorbereidingshandelingen als bedoeld in artikel 11a van de Opiumwet heeft gepleegd door voorwerpen waarvan hij wist dat ze bestemd waren voor de beroeps- en bedrijfsmatige hennepteelt te vervoeren. Gelet op zijn ondergeschikte rol in de criminele organisatie en de relatief korte periode waarin hij bij de hennepstekkenhandel betrokken is geweest, legt de rechtbank een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van 90 dagen (3 maanden) met een proeftijd van 2 jaar op en daarnaast een taakstraf voor de duur van 200 uren.
Advocaten
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
