ECLI:NL:RBLIM:2022:4427
Rechtbank Limburg · 08-06-2022 · zaaknummer 9525566\CV 21-5539
Inhoudsindicatie
Ontbinding en ontruiming van een winkelpand en betaling van onder meer een huurachterstand van € 155.946,83. Verzoek om huurmatiging in verband met de coronamaatregelen wordt afgewezen. De huurovereenkomst is na 15 maart 2020 gesloten. Dit houdt in dat huurder niet automatisch op grond van voornoemd arrest recht heeft op vermindering van de huurprijs. Er dient beoordeeld te worden of in dit specifieke geval sprake is van een onvoorziene omstandigheid als bedoeld in artikel 6:258 BW. Vooropgesteld wordt dat bij de toepassing van dit artikel terughoudendheid moet worden betracht. De kantonrechter is van oordeel dat er geen sprake is van een onvoorziene omstandigheid. Op het moment van sluiten van de huurovereenkomst was er immers nog steeds sprake van een wereldwijde coronapandemie. Dat op het moment van sluiten van de overeenkomst er geen sluiting van niet-essentiële winkels was en dit nog niet eerder als maatregel ingevoerd was maakt dit niet anders. Weliswaar was er op dat moment sprake geweest van versoepelingen van eerdere maatregelen maar was er na die versoepelingen wel sprake van hernieuwde aanscherping van maatregelen. De kantonrechter is van oordeel dat het op de weg van partijen had gelegen om afspraken te maken over de gevolgen van op dat moment zeker niet uit te sluiten verdergaande maatregelen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
