ECLI:NL:RBLIM:2022:3199
Rechtbank Limburg · 20-04-2022 · zaaknummer C/03/292280 / HA ZA 21-269
Inhoudsindicatie
Kracht en gezag van gewijsde van arrest gerechtshof, waarin de schade is vastgesteld, impliceert dat de rechtbank in de onderhavige procedure niet alsnog een hogere schadevergoeding kan toewijzen. Dat deel van de vordering wordt daarom afgewezen. Voor het andere deel van de vordering geldt dat onder de gegeven omstandigheden die vordering in strijd is met de eisen van een behoorlijke rechtspleging. De rechtbank wijst ook die vordering af.
Rechters
Advocaten
- A.J.J. Kreutzkamp
- R.H.J.G. Borger
- T.A.J.M. Provaas
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
