ECLI:NL:RBLIM:2020:9128
Rechtbank Limburg · 13-11-2020 · zaaknummer C/03/283700 / KG ZA 20-418
Inhoudsindicatie
Het meest verstrekkende verweer dat er geen sprake is van een voorlopige voorziening wordt verworpen. Ook in kort geding kan een voorziening op grond van artikel 3:300 lid 2 BW worden toegewezen (HR 21 juni 2002, ECLI:NL:HR: 2002:AE4380). Gedaagde heeft niet toereikend onderbouwd op welke grond zij niet tot notariële levering van haar aandeel in de woning aan de erfgenamen gehouden is. De voorzieningenrechter acht daarom aannemelijk dat de bodemrechter zal oordelen dat gedaagde gehouden is om medewerking te verlenen aan de levering van haar aandeel in de woning aan de erfgenamen door tussenkomst van een notaris. De voorzieningenrechter wijst het gevorderde toe en bepaalt dat het vonnis in de plaats komt van de voor de levering van het onroerende goed noodzakelijke toestemming en/of wilsverklaring en/of handtekening van gedaagde indien gedaagde niet voldoet aan veroordeling.
Rechters
Advocaten
- E. Meuwissen
- I.M. Etman
- P. Winkens
Partijen
[eiseres]
eiseres · onbekend
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
