Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBLIM:2020:8407

Rechtbank Limburg · 03-11-2020 · zaaknummer AWB/ROE 19/2692

BestuursrechtGepubliceerd 02-11-2020
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Verzoek om handhaving in het kader van de Wet natuurbescherming ten aanzien van beweiden en bemesten. Verweerder acht handhaving vooruitlopend op de ontwikkeling van de benodigde rekenmethodiek en het noodzakelijke beoordelingskader onevenredig. Verweerder heeft vastgesteld dat bij de betrokken veehouderij sprake is van zowel beweiden van vee als van bemesten van gronden en dat daarvoor geen (toereikende) vergunning(en) als bedoeld in artikel 2.7, tweede lid, van de Wnb voorhanden is/zijn. De rechtbank stelt vast dat verweerder vervolgens heeft verzuimd om, conform de uitspraak van de Afdeling (van 29 mei 2019 ECLI:NL:RVS:2019:1604), de betrokken veehouderij in de gelegenheid te stellen een aanvraag in te dienen voor aanpassing van de geldende natuurvergunning voor het beweiden van vee en voor een natuurvergunning voor het bemesten van gronden. Dat betekent dat verweerder ten tijde van het bestreden besluit geen zicht had op de omvang van de vergunningplichtige activiteiten en op de daaruit al dan niet voortvloeiende noodzaak om te beschikken over een toereikende vergunning, terwijl verweerder reeds heeft onderkend dat per geval dient te worden vastgesteld of de concrete activiteiten van beweiden en/of bemesten vergunningplichtig zijn. Dat heeft verweerder niet onderzocht en daarmee is het bestreden besluit in strijd met de vereiste zorgvuldige voorbereiding daarvan. Door zich te beroepen op ontbrekende rekenmethodieken en beoordelingskaders heeft verweerder aan de weigering handhavend op te treden een ontoereikende en niet draagkrachtige motivering ten grondslag gelegd en daarmee in strijd gehandeld met artikel 7:12, eerste lid, van de Awb. De rechtbank draagt verweerder op de betrokken veehouderij in de gelegenheid te stellen een aanvraag te doen en binnen zestien weken opnieuw te beslissen op het bezwaar tegen het primaire besluit op straffe van een dwangsom.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • het college van Gedeputeerde Staten van Limburg

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • het college van Gedeputeerde Staten van Limburg

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.