ECLI:NL:RBLIM:2020:1255
Rechtbank Limburg · 17-02-2020 · zaaknummer ROE - 19_160
Inhoudsindicatie
In geschil is de vraag of verweerder eisers terecht heeft gelast om het bouwen van een bijgebouw bij hun recreatiewoning onmiddellijk te stoppen. Volgens verweerder wordt door de bouw het maximum bebouwd oppervlak van het bestemmingsplan overschreden. Omdat strikte lezing van het bestemmingsplan geen eenduidig antwoord oplevert over de vraag wat nu het maximum bebouwd oppervlak is in dit geval, heeft de rechtbank aansluiting gezocht bij het systeem van het bestemmingsplan en de bedoeling van de planwetgever. Het hieruit afgeleide maximum bebouwd oppervlak hebben eisers door de bouw van het bijgebouw overschreden. Verweerder was daarom bevoegd om handhavend op te treden. Gelet op het karakter en het beoogde doel van een bouwstop hoeft niet te worden onderzocht of de bouw gelegaliseerd kan worden en kan de (al dan niet geringe) ernst van de overtreding geen grond bieden voor het oordeel dat de bouwstop zodanig onevenredig is in verhouding tot de daarmee te dienen belangen, dat verweerder daarvan om die reden behoort af te zien. Het beroep is ongegrond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
