ECLI:NL:RBLIM:2019:9007
Rechtbank Limburg · 08-10-2019 · zaaknummer AWB 19/2287
Inhoudsindicatie
Verzoeker heeft in strijd met het bestemmingsplan een caravan (met spandoek en vlag) geplaatst op een groenvoorziening binnen zijn gemeente. Verzoeker draagt daarmee zijn standpunt met betrekking tot het woonwagenbeleid in zijn gemeente uit. Bovendien is volgens verzoeker door de wethouder de toezegging gedaan dat hij op deze plek mocht blijven staan totdat er een geschikte locatie was gevonden. De voorzieningenrechter is van oordeel dat, voor zover het betreft de vermeende toezegging van de wethouder, verzoeker geen beroep op het vetrouwensbeginsel toekomt. De voorzieningenrechter merkt verder de activiteiten van verzoeker aan als een betoging. Hierbij acht de voorzieningenrechter van belang dat verzoeker met spandoeken opnieuw aandacht vraagt voor het gebrek aan standplaatsen voor woonwagenbewoners en volgens verzoeker met het opstellen van de Woonvisie 2019-2035 niet voldaan is aan de zorgplicht voor gemeenten om beleid te ontwikkelen dat het woonwagenleven voldoende faciliteert en beschermt. De betoging heeft ondertussen ook de media bereikt. Dat verzoeker concreet ook een eigen plek wenst, doet aan het voorgaande niet af, nu de wens voor een eigen standplaats het uiten van een gemeenschappelijke mening niet in de weg staat. Gelet op hetgeen verzoeker heeft aangevoerd is de motivering van verweerder dat geen sprake is van een betoging te ongespecificeerd en te weinig toegesneden op de actuele situatie, die vanwege de vaststelling van de Woonvisie 2019-2035 anders is dan ten tijde van de betoging in 2018. Voor wat betreft de vervolgvraag of de betoging ertoe leidt dat moet worden afgezien van handhaving op grond van de bepalingen van het bestemmingsplan, overweegt de voorzieningenrechter de uitoefening van het recht op betoging van verzoeker door de bestemmingsplanbepalingen onmogelijk wordt gemaakt, waardoor de vrijheid van betoging in haar wezen wordt aangetast. Van wanordelijkheden of verkeersonveiligheid als gevolg van de betoging is overigens niet gebleken. De voorzieningenrechter is, na afweging van alle betrokken belangen, van oordeel dat onder deze omstandigheden de uitkomst van de bezwaarfase kan worden afgewacht en dat verweerder in ieder geval op dit moment niet tot handhaving kan overgaan en daarmee de betoging beëindigt. In de bezwaarfase kan verweerder nagaan of nog steeds sprake is van een betoging of dat er andere redenen zijn om de betoging te beperken of te beëindigen. Bij de vraag of dan nog sprake is van een betoging speelt het tijdsverloop een rol alsmede de vraag op welk moment ‘het punt’ is gemaakt. Bepalend daarbij is in hoeverre nog openbare gedachten, gevoelens en overtuigingen worden geuit.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Beek
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Beek
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
