ECLI:NL:RBLIM:2019:6473
Rechtbank Limburg · 12-07-2019 · zaaknummer AWB - 18 _ 874
Inhoudsindicatie
In geding is de weigering van een omgevingsvergunning voor de bouw van een oogstopslagloods. De goothoogte van de nieuw te bouwen loods van 5,75 meter is in strijd met het bestemmingsplan dat een goothoogte van 4,50 meter toestaat. Hoewel wordt voldaan aan de voorwaarden voor de binnenplanse afwijkingsmogelijkheid, die een goothoogte van 6,50 meter mogelijk maakt, is verweerder vanwege strijd met een goede ruimtelijke ordening niet bereid medewerking te verlenen aan de aanvraag. De rechtbank overweegt dat slechts sprake is van een geringe afwijking van het bestemmingsplan. De nokhoogte van de te bouwen loods is rechtstreeks toegestaan. De ruimtelijke en andere gevolgen van de keuze om op deze locatie bebouwing tot een hoogte van 10 meter en een goothoogte van 4,50 meter toe te staan, zijn al eerder door de raad afgewogen in het kader van de vaststelling van het bestemmingsplan, terwijl de raad een goothoogte van 6,50 meter in beginsel ook planologisch aanvaardbaar heeft geacht. Het dichtbouwen van het bouwvlak en het ontstaan van een dichtgebouwde wand van opslagloodsen richting het buitengebied, is een gevolg van het feit dat het bestemmingsplan ter plaatse bebouwing toestaat. Dat door de hogere goothoogte de loods voor een groter gedeelte dan de naastgelegen gebouwen uit ‘steen’ bestaat, is, gelet op de totale door het bestemmingsplan toegestane hoogte van de bebouwing, van onvoldoende gewicht om aan de gestelde strijdigheid van het bouwplan met een goede ruimtelijke ordening ten grondslag te leggen. Het voorbereidingsbesluit kan, nu de voorgenomen bouwhoogte in overeenstemming is met het bestemmingsplan en de afwijking van het bestemmingsplan enkel ziet op de goothoogte van de loods die in beginsel planologisch aanvaardbaar is, evenmin het standpunt dat sprake is van strijdigheid met een goede ruimtelijke ordening dragen. Het bestreden besluit is onvoldoende gemotiveerd. Het beroep is gegrond.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
