ECLI:NL:RBLIM:2018:7157
Rechtbank Limburg · 25-07-2018 · zaaknummer 04 6343619 CV 17-7635
Inhoudsindicatie
Dochter neemt landbouwbedrijf van ouders over. De koopprijs wordt omgezet in een geldlening, af te lossen in maandelijkse termijnen gedurende een periode van 30 jaar. Ouders blijven wonen in de boerderijwoning, na de bedrijfsovername eigendom van de dochter. De dochter stelt na omstreeks 15 jaar aflossen dat zij de volledige geldlening heeft afgelost, deels door de maandelijkse aflossingen en deels door verrekening van jaarlijks fiscaal vrijgestelde schenkingen door de ouders. Ouders betwisten dat zij de boekhouder opdracht zouden hebben gegeven jaarlijkse schenkingen te verrekenen met de geldlening. De kantonrechter oordeelt dat onvoldoende aanknopingspunten voorhanden zijn waaruit blijkt dat de ouders aan de boekhouder opdracht hebben gegeven om jaarlijks fiscaal vrijgestelde schenkingen te verrekenen met de geldlening. Geen concreet bewijsaanbod dienaangaande door de dochter gedaan. Dochter wordt veroordeeld om het gevorderde restant van de geldlening aan de ouders te betalen. Omdat een en ander had geleid tot een verstoorde relatie vonden regelmatig botsingen plaats tussen de dochter en de ouders ten aanzien van het gebruik van het erf, moestuin en schuren en gereedschappen en dienaangaande wijst de kantonrechter partijen er op dat zij zelf voor deze wijze van koop, verdeling en gebruik hebben gekozen en dat daaruit volgt dat zij met elkaars belangen rekening moeten houden en de morele verplichting hebben om daarnaar te handelen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
