ECLI:NL:RBLIM:2018:12476
Rechtbank Limburg · 20-02-2018 · zaaknummer C.03 / 246200 / HARK 18-28
Inhoudsindicatie
De raadsman van belanghebbende heeft zich ter zitting van 5 februari 2018 kritisch uitgelaten omtrent de wijze van ondervraging door de rechter. De rechter wil zich verschonen omdat hij de mening is toegedaan dat indien hij zijn wijze van bevraging zou aanpassen, hij onvoldoende aan waarheidsvinding kan doen. Daarmee zou zijn rechterlijke onpartijdigheid ten faveure van belanghebbende zijn geschonden. Ingeval de rechter zijn wijze van bevraging niet zou aanpassen, zou dit in de ogen van de verdediging niets anders zijn dan een continuering van onwaardige woordspelletjes gericht op het vangen van belanghebbende op woorden. Daarmee zou de rechter de schijn van vooringenomenheid tegen belanghebbende op zich laden. Verzoek wordt toegewezen.
Rechters
Advocaten
- J.W. Rijksen
- M. Raab
- M.F.M. Geeratz
- R.M.M. Kleijkers
- W.Th
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
