ECLI:NL:RBLIM:2018:11437
Rechtbank Limburg · 05-12-2018 · zaaknummer AWB - 18 _ 339
Inhoudsindicatie
De exploitant van een horecazaak heeft beroep ingesteld tegen toekenning van planschadevergoeding aan omwonenden wegens wijziging van het bestemmingsplan voor de aanleg van een vlonderterras. Anders dan verweerder is de rechtbank van oordeel dat de aanleg van een buitenterras bij een horecagelegenheid, eventueel gelegen aan de overkant van de weg, als een normale maatschappelijke ontwikkeling kan worden beschouwd. In dit geval lag die ook in de lijn der verwachting. Het gaat namelijk om een daarvoor bij uitstek geschikte locatie aan de oever van de Maas met uitzicht op de rivier en gelegen op korte afstand van de aanlegsteiger van een voet- en fietsveer. Bovendien werd de betrokken locatie feitelijk al tientallen jaren met regelmaat als kleinschalig terras of voor informele dagrecreatie gebruikt. Verder past een terras ook in de structuur van de omgeving die een gemengd karakter heeft en waar meer terrassen aanwezig zijn. Daartegen weegt niet op dat vestiging van een terras ter plaatse niet past binnen het gevoerde beleid. Verweerder heeft niet deugdelijk gemotiveerd dat met aftrek van het wettelijk minimumforfait van 2% kon worden volstaan. De rechtbank voorziet zelf in de zaak door de aftrek wegens normaal maatschappelijk risico op 4% vast te stellen. De overige beroepsgronden slagen niet.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
