ECLI:NL:RBLIM:2017:4260
Rechtbank Limburg · 17-05-2017 · zaaknummer 5624086 CV EXPL 17-20
Inhoudsindicatie
Afwijzing vorderingen van permanent in Turkije woonachtige Nederlandse ontvanger ABP-pensioen. Onder ABP is door een Nederlandse bank beslag gelegd voor hoge hypothecaire schulden van eiser en diens ex-partner. Hoewel art. 475e Rv geen toepassing gekregen heeft, hanteert deze bank sinds april 2012 een beslagvrije voet van € 234,29. Gedurende ruim drie jaar heeft ABP echter - om administratieve redenen - aan de beslaglegger / deurwaarder een vast nettobedrag uitgekeerd. Omdat het nettobedrag aan pensioen echter door wijzigingen in loonheffing en inhouding Zvw fluctueerde, resulteerde dit erin dat eiser periodiek een ander (lager) bedrag aan pensioen ontving dan overeenstemde met het bedrag van € 234,29 per maand (de door de bank vrijwillig in acht genomen ‘beslagvrije voet’). Eiser wacht met actie tot een moment dat enige maanden ligt na het tijdstip dat ABP die ‘fout’ opgemerkt heeft en eigener beweging teruggekeerd is naar het uitgangspunt. Eiser kan niet aantonen dat hij schade geleden heeft door administratieve fout van ABP. Daarbij speelt art. 477b lid 1 Rv een rol, maar ook het ontbreken van door eiser bij te brengen feitenmateriaal alsmede het nalaten van actie op een moment dat het er (nog) toe deed. Diverse opgevoerde schadeposten hadden slechts betrekking op de kosten van ingeschakelde rechtshulp waarvoor geen redelijke noodzaak aanwijsbaar was.
Rechters
Advocaten
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
