ECLI:NL:RBLIM:2015:7196
Rechtbank Limburg · 21-08-2015 · zaaknummer C/03/209583 KG ZA 15-414
Inhoudsindicatie
Kort geding. Executiegeschil. Niet geoordeeld kan worden dat de executant, mede gelet op de belangen aan de zijde van de geëxecuteerde, geen in redelijkheid te respecteren belang heeft bij gebruikmaking van haar bevoegdheid om tot executie van het ‘ontruimingsvonnis’ over te gaan. Het is niet aannemelijk dat het te executeren klaarblijkelijk op een juridische of feitelijke misslag berust, dan wel dat de executie op grond van ná het vonnis voorgevallen of aan het licht gekomen feiten klaarblijkelijk aan de zijde van de geëxecuteerde een noodtoestand zal doen ontstaan, waardoor een onverwijlde tenuitvoerlegging niet kan worden aanvaard.
Rechters
Advocaten
- C.J.P. Schellekens
- J.P.H. Timmermans
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
