Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBLIM:2015:324

Rechtbank Limburg · 14-01-2015 · zaaknummer 2789346 CV EXPL 14-1743

Civiel recht; Goederenrecht; Civiel recht; VerbintenissenrechtGepubliceerd 16-01-2015
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Een advocatenkantoor is niet bevoegd vorderingen die zij heeft op de Raad voor de Rechtsbijstand aan de bank te verpanden, omdat zij geen schuldeiser van de Raad is. Op grond van artikel 37, eerste lid onder a, in samenhang met artikel 1, eerste lid van de Wet op de Rechtsbijstand, wordt een vergoeding voor door hem op basis van een toevoeging verleende rechtsbijstand verleend aan de advocaat. Het is dan ook de advocaat die ter zake een vorderingsrecht heeft op de Raad. Artikel 37a van de Wet op de Rechtsbijstand en de door de bank gestelde feitelijke gang van zaken op advocatenkantoren in heel Nederland biedt onvoldoende aanwijzing voor de opvatting dat het advocatenkantoor schuldeiser is naast de advocaat, zodat van pluraliteit van schuldeisers in de zin van artikel 6:16 BW evenmin sprake is.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.