ECLI:NL:RBLIM:2015:1431
Rechtbank Limburg · 25-02-2015 · zaaknummer 3179138 CV EXPL 14-7162
Inhoudsindicatie
In betrekkelijke mate is sprake van kennelijk onredelijke opzegging. Schadevergoeding van ‘slechts’ € 17 500,00 bruto waar meer dan € 58 000,00 als ‘absoluut minimum’ gevorderd was. Werkgeefster zelf vond in voorfase van de opzegging een (beperkt) ‘sociaal plan’ van eigen hand opportuun en kan daar niet zonder meer van terug komen. Zij verbond daaraan de voorwaarde van instemming met beëindigingsovereenkomst en verklaarde ‘regeling vervallen’ toen werknemer het had laten aankomen op UWV-toetsing. Beperkte en deels tekortschietende argumentatie werknemer. Desondanks wordt door kantonrechter in dit algeheel ’vervallen verklaren’ een voldoende ernstige tekortkoming van werkgeefster gelezen om haar tot enige schadevergoeding verplicht te achten. Een van de nevenvorderingen van de werknemer voorbarig ingesteld en later ingetrokken. Vordering wegens verlofcompensatie geheel toewijsbaar door gebrekkig verweer werkgeefster. Proceskostencompensatie naast afwijzing claim wegens BK.
Rechters
Advocaten
- J.H. Welling
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
