ECLI:NL:RBLIM:2014:4130
Rechtbank Limburg · 16-04-2014 · zaaknummer 2730748 CV EXPL 14-914
Inhoudsindicatie
Loonvordering c.a. van een werknemer over een korte periode na een weinig succesvol en op initiatief van de werknemer tussentijds beëindigde arbeidsovereenkomst voor drie maanden. De vordering als zodanig is naar samenstelling en omvang door werkgeefster bij antwoord niet bestreden. Wel wenst deze laatste, bijgestaan door een advocaat, een veel hogere (doch pertinent betwiste) tegenvordering in verrekening te brengen, echter zonder daarvoor ook een eis in reconventie in te stellen. Omdat dat beroep op verrekening in het licht van art. 6:136 BW onder die omstandigheden kansloos is (en het verschil van opvatting over verhaal van ‘schade’ en over de veroorzaking ook niet aan de strenge eisen van art. 7:661 BW getoetst kan worden met hulp van een afzonderlijk debat in reconventie), wijst de kantonrechter terstond vonnis en wijst hij de niet bestreden vordering van de werknemer toe.
Rechters
Advocaten
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
