ECLI:NL:RBLIM:2014:3866
Rechtbank Limburg · 28-04-2014 · zaaknummer AWB-12_1842u en 13_1668u
Inhoudsindicatie
Nadat was gebleken dat een eerder opgelegde last onder dwangsom geen resultaat heeft gehad, is aan de bewoners van een woning aan de Grote Kampweg te Haelen een last onder bestuursdwang opgelegd om een hekwerk voor die woning op hun kosten te verwijderen. Omdat de bewoners geen gevolg gegeven hebben aan die last, heeft het college van burgemeester en wethouders het hekwerk op 21 juni 2012 door een bergingsbedrijf onder politiebewaking laten verwijderen. Daarbij hebben zich incidenten voorgedaan die tot inhechtenisneming van één van de bewoners heeft geleid. De rechtbank heeft het beroep tegen het dat besluit ongegrond verklaard, onder meer omdat naar haar oordeel geen sprake was van een overtreding van geringe aard of omvang en de bewoners de gelegenheid niet hebben benut om vergunning voor een hekwerk te vragen, zodat het opleggen van de last niet onevenredig was. Ook is er volgens de rechtbank geen sprake van strijd met het gelijkheidsbeginsel. Het college heeft ook besloten om de kosten van verwijdering van het hekwerk op de bewoners van de woning te verhalen en het heeft die kosten vastgesteld op € 8.663,32. De bezwaren van beide bewoners tegen het in rekening brengen van die kosten zijn op grond artikel 5:31c, eerste lid, van de Awb, respectievelijk op grond van artikel 7:1a van de Algemene wet bestuursrecht door de rechtbank beoordeeld. In het bijzonder gelet op de conclusies van de door het gemeentebestuur ingestelde evaluatiecommissie is de rechtbank tot het oordeel gekomen dat de hoogte van de kosten voor een groot deel is bepaald door extra maatregelen in verband met de gespannen toestand ter plaatse en dat die situatie in belangrijke mate aan het optreden van het gemeentebestuur in het verleden was te wijten. Het college had zich daarom naar het oordeel van de rechtbank moeten beperken tot de kosten die in een normale situatie hadden moeten worden gemaakt voor het verwijderen van zo’n hekwerk. De rechtbank stelt de door de bewoners verschuldigde kosten vast op € 1.964,75.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Leudal
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Leudal
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
