ECLI:NL:RBLIM:2014:1662
Rechtbank Limburg · 31-01-2014 · zaaknummer 04/804197-11
Inhoudsindicatie
Mensenhandel. De rechtbank verklaart het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in zijn vervolging ten aanzien van feit 1. De rechtbank is van oordeel dat op grond van een aan het openbaar ministerie toe te rekenen toezegging bij de verdachte de gerechtvaardigde verwachting is gewekt dat hij niet zal worden vervolgd. Een dergelijke gerechtvaardigde verwachting staat slechts dan niet aan een vervolging in de weg, indien nieuwe feiten of omstandigheden aan het licht komen die een herroeping van de sepotbeslissing rechtvaardigen. De vraag of de verklaringen van de medeverdachte de herroeping van de sepotbeslissing rechtvaardigen, beantwoordt de rechtbank ontkennend. Weliswaar leveren de verklaringen van deze medeverdachte nuance- en accentverschillen op, doch van nieuwe feiten of omstandigheden ten opzichte van de situatie ten tijde van de sepotbeslissing, kan niet worden gesproken. Vrijspraak van feit 2.
Advocaten
- H.P. Eckert
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
