ECLI:NL:RBLEE:2012:BW6404
Rechtbank Leeuwarden · 24-05-2012 · zaaknummer AWB 11/2261
Inhoudsindicatie
Het college heeft aan de maatschap (appellante) meegedeeld dat de aan haar op grond van het Subsidiestelsel Natuur- en Landschapsbeheer toegekende subsidie voor het beheerjaar 2010 niet wordt uitbetaald, omdat zij hiervoor geen betaalverzoek in de Gecombineerde Opgave (GO) 2010 heeft gedaan. De Rb. overweegt dat in de toelichting op art. 1:3, lid 1 Awb wordt aangegeven dat met het begrip rechtshandeling wordt bedoeld: een handeling gericht op rechtsgevolg. Daarmee is bedoeld dat de beslissing gericht moet zijn op rechtsgevolgen die ontstaan in de verhouding van het bestuursorgaan tot een of meer anderen. De Rb. stelt vast dat de maatschap naar aanleiding van haar ingediende GO 2010 een brief van het college heeft ontvangen, waarin is vermeld dat de maatschap voor het beheerjaar 2010 geen subsidie voor zijn beheereenheid/ beheereenheden krijgt, omdat zij geen betaalverzoek heeft gedaan. Naar het oordeel van de Rb. is deze brief op rechtsgevolg gericht, te weten de mededeling dat de maatschap voor het beheerjaar 2010 geen subsidie uitbetaald krijgt. Hieruit volgt dat het standpunt van het college, zoals ingenomen in het verweerschrift en toegelicht ter zitting, dat het bezwaar van de maatschap niet-ontvankelijk verklaard had moeten worden, moet worden verworpen. Derhalve komt de Rb. toe aan een inhoudelijke behandeling. (…) De Rb. overweegt verder dat ingevolge art. 7:11 Awb op grondslag van het bezwaar een heroverweging plaatsvindt van het bestreden besluit. Hierin ligt besloten dat een gemaakte fout hersteld kan worden. De Rb. ziet in hetgeen door de gemachtigde van het college is gesteld met betrekking tot de Europese regelgeving geen aanleiding om van dit uitgangspunt af te wijken, omdat uit deze regelgeving op zich niet voortvloeit dat een eenmaal gemaakte fout niet kan worden hersteld door een betrokkene. In gevallen als het onderhavige, waarin in de GO 2010 een onjuist vakje is aangekruist met als gevolg een besluit dat de subsidie niet zal worden uitbetaald, heeft degene die aanspraak maakt op deze subsidie, teneinde de onherroepelijkheid van dit besluit te voorkomen, geen andere keuze dan via een bezwaarschrift dit door hem niet gewenste rechtsgevolg te bestrijden. Voorts acht de Rb. van belang dat het college niet wordt geschaad in zijn belang door het herstellen van de fout van de maatschap in de bezwaarfase, omdat het college het bedrag aan subsidie reeds had gereserveerd en geoormerkt en er in dit geval geen sprake is van een subsidieplafond. Het betoog slaagt.
Rechters
Advocaten
- A.J. Roos
- S. Bouchiba
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
het college van gedeputeerde staten van Fryslân
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van gedeputeerde staten van Fryslân
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
