Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBHAA:2012:BW0431

Rechtbank Haarlem · 29-03-2012 · zaaknummer 15/740747-11

StrafrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Promis; medeplegen van afpersing; poging tot zware mishandeling; reële bedreiging; bedreiging met geweld; psychische overmacht verweer; vordering benadeelde partij; schadevergoedingsmaatregel; bijzondere voorwaarden. Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan twee ernstige feiten die gevoelens van onveiligheid veroorzaken in de samenleving. Verdachte heeft samen met medeverdachte een overval op het benzinepompstation aan de Lange Herenvest te Haarlem in scene gezet. Hij heeft het plan bedacht en uitgevoerd met de medeverdachte en nog een derde persoon, enkel en alleen om financieel gewin te behalen. Verdachte heeft zich daarbij geen rekenschap gegeven van de impact die deze overval zou hebben op de eigenaar en op de medewerkers van het benzinepompstation en op de maatschappij. Een dergelijke gewapende overval op een tankstation aan een openbare plek brengt in de maatschappij gevoelens van onveiligheid met zich mede. Voorts heeft verdachte op 7 juli 2011 's nachts het slachtoffer op straat een vuistslag in het gezicht gegeven. Nadat het slachtoffer was doorgelopen omdat deze geen zin in ruzie had, is verdachte weer de confrontatie aangegaan met het slachtoffer. Deze tweede keer volgde een woordenwisseling waarna verdachte het slachtoffer meerdere vuistslagen gaf, zodat deze ten val kwam. Daarna heeft verdachte het slachtoffer, terwijl deze op de grond lag, meerdere schoppen tegen het hoofd, de nek en het lichaam gegeven. De omstandigheid dat - achteraf bezien - het letsel beperkt is gebleven, is een gelukkige, die geenszins aan verdachte te danken is. In het voordeel van verdachte houdt de rechtbank rekening met het feit dat hij niet eerder met justitie in aanraking is gekomen. Ook houdt de rechtbank rekening met het feit dat verdachte heeft aangegeven dat hij wil meewerken aan een behandeling gericht op verwerking van het overlijden van zijn vader in 2011. Alles afwegende is de rechtbank van oordeel dat een taakstraf in de vorm van een werkstraf van het na te noemen aantal uren moet worden opgelegd. Voorts is de rechtbank van oordeel dat een vrijheidsbenemende straf van na te noemen duur moet worden opgelegd. De rechtbank zal echter bepalen dat deze straf vooralsnog niet ten uitvoer zal worden gelegd en zal daaraan een proeftijd verbinden van twee jaren, opdat verdachte ervan wordt weerhouden zich voor het einde van die proeftijd schuldig te maken aan een strafbaar feit. Daarnaast acht de rechtbank verplichte begeleiding door GGZ Palier noodzakelijk. Een dergelijke verplichting zal als bijzondere voorwaarde aan het voorwaardelijk deel van de op te leggen straf worden verbonden.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Partijen

  • [verdachte]

    verdachte · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.