ECLI:NL:RBHAA:2011:BU6749
Rechtbank Haarlem · 28-11-2011 · zaaknummer AWB 11 - 6081
Inhoudsindicatie
De rechtszekerheid verzet zich ertegen dat aan een in overeenstemming met de destijds toepasselijke wetgeving verstrekte vrijstelling van het bestemmingsplan ingevolge artikel 19, eerste lid, van de WRO geen betekenis toekomt voor het bouwen van het project waarvoor de vrijstelling is verleend. Zonder een uitdrukkelijk daartoe strekkende bepaling komt de betekenis of de werking van de vrijstelling, waardoor de strijd met het bestemmingsplan wordt opgeheven, niet te vervallen door de inwerkingtreding van de Wabo. Het ontbreken van de gelijkstelling van artikel 19, eerste lid, van de WRO met een omgevingsvergunning voor het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met het bestemmingsplan is niet een zodanige bepaling. De voorzieningenrechter ziet ook voor het overige geen grond voor het oordeel dat de vrijstelling en omgevingsvergunning niet in stand zullen blijven in de bezwaarprocedure. Gelet hierop dient aan het belang van de vergunninghouder om in afwachting van het besluit op bezwaar de bouwactiviteiten voort te kunnen zetten meer gewicht te worden toegekend dan aan het belang van verzoekers bij het stilgelegd houden van die activiteiten.
Rechters
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
