ECLI:NL:RBHAA:2007:BA9757
Rechtbank Haarlem · 07-03-2007 · zaaknummer 321635 CV EXPL 06-8832
Inhoudsindicatie
Tussenvonnis in een geschil tussen een automatiseringsbedrijf en een (ex-)werknemer. Deze werknemer was gedurende zijn dienstverband vennoot van een vof, door hemzelf aangeduid als hobbybedrijfje. De werkgever stelt een vordering in tegen de werknemer op grond van schending van het overeengekomen geheimhoudingsbeding, schending van auteursrechten op een folder en software en het in strijd met de arbeidsovereenkomst verrichten van werkzaamheden voor derden. De kantonrechter acht zich op grond van de samenhang ex artikel 93 lid 2 Rv. bevoegd alle vorderingen te behandelen en oordeelt dat de gevorderde verklaring voor recht met betrekking tot de schending van auteursrechten niet toewijsbaar is omdat die vordering gericht had moeten zijn tegen de vof. Overigens oordeelt hij dat er sprake is van schending door de vof van het auteursrecht van de werkgever op een informatieve folder, waarbij de werknemer als vennoot hoofdelijk aansprakelijk is voor de schade. Met betrekking tot de software geeft de kantonrechter aan dat hij in verband met de vraag of er daarbij sprake is van een werk in de zin van de Auteurswet overweegt een deskundige te benoemen. In verband met het noodzakelijke overleg met partijen wordt daarom een comparitie van partijen gelast. De gevorderde inzage in de administratie van de vof wordt afgewezen, omdat - los van de omstandigheid dat de vordering niet is ingediend tegen de vof - werkgever niet behoort tot de in artikel 3:15j BW genoemde kring van personen. Op grond van het feitencomplex oordeelt de kantonrechter voorts dat de werknemer het in de arbeidsovereenkomst opgenomen geheimhoudingsbeding heeft geschonden en de in die overeenkomst opgenomen boete daarom verschuldigd is. Met betrekking tot het in strijd met de arbeidovereenkomst verrichten van werkzaamheden voor derden wordt op grond van de vaststaande feiten voorshands bewezen geacht dat de werknemer tijdens zijn dienstbetrekking gedurende een bepaalde periode voor een derde heeft gewerkt en niet beschikbaar was voor zijn eigen werk. Hij wordt in de gelegenheid gesteld om tegenbewijs te leveren tegen deze voorshands bewezen stelling, waarbij naar de (reeds in het kader van het deskundigenbericht bepaalde) comparitie wordt verwezen voor nader overleg over die (tegen)bewijslevering.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
