ECLI:NL:RBHAA:2007:BA1920
Rechtbank Haarlem · 27-03-2007 · zaaknummer 15/694024-06
Inhoudsindicatie
33, 33a, 36b, 36c, 47, 57, 231, 326, 420bis en 420ter van het Wetboek van Strafrecht; 2, 10 (oud) en 10a van de Opiumwet. Medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd, medeplegen van gewoontewitwassen. "Advanced fee fraude", 4.1.9 fraude" Partiele nietigheid dagvaarding; Verwerping verweer dat verdachte dient te worden vrijgesproken nu niet kan worden aangetoond, dat de aangewende middelen van dien aard waren dat deze slachtoffers daardoor bedrogen hadden kunnen worden.De rechtbank is van oordeel dat sprake was van een doordachte, goed uitgewerkte en slinkse manier om mensen geld afhandig te maken, waarbij de gebezigde middelen zozeer de schijn van waarheid hadden, dat dit ook bij de aangevers de uitwerking had dat deze werden gedwongen tot afgifte van aanzienlijke bedragen. Hoewel niet onaannemelijk is dat de slachtoffers van verdachte en diens medeverdachten mogelijk werden gedreven door hebzucht, waardoor zij ten prooi zijn gevallen aan deze vorm van oplichting, doet dat niets af aan de strafwaardigheid en de verwerpelijkheid van het bewezen verklaarde.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
