ECLI:NL:RBHAA:2007:BA0259
Rechtbank Haarlem · 07-03-2007 · zaaknummer 320974 CV EXPL 06-8562
Inhoudsindicatie
Loondoorbetaling tijdens ziekte en vergoeding van immateriële schadevergoeding. De vraag moet beantwoord worden of de werknemer in verband met ongeschiktheid ten gevolge van ziekte verhinderd was om de bedongen arbeid te verrichten. De werknemer baseert immers op die grond zijn stelling dat hij, in afwijking van het in artikel 7:627 BW neergelegde uitgangspunt, aanspraak heeft op het met de werkgever overeengekomen salaris en vakantiegeld. De kantonrechter is van oordeel dat (ook thans) niet gebleken is dat de werknemer inderdaad ten gevolge van ziekte verhinderd was de bedongen arbeid te verrichten. Weliswaar blijkt uit het rapport van de verzekeringsarts dat sprake was van een psychische gesteldheid van de werknemer die hem beperkingen oplegde bij de uitoefening van de bedongen arbeid, maar daaruit blijkt niet dat een en ander het gevolg is van ziekte. Hoewel de handelwijze van de werkgever beslist de toets der kritiek niet kan doorstaan, is de kantonrechter van oordeel dat niet gezegd kan worden dat de werknemer door die handelwijze in zijn eer en goede naam is aangetast. Op geen enkele wijze is namelijk gebleken dat de werkgever naar derden toe en/of anderszins naar buiten is getreden met bijzonderheden over deze zaak en/of over de werknemer.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
