ECLI:NL:RBHAA:2006:AY8299
Rechtbank Haarlem · 25-08-2006 · zaaknummer 15/533230-05
Inhoudsindicatie
Voortgezette handeling van verduistering en opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2, onder C, van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd; valsheid in geschrift; als ambtenaar opzettelijk zaken, bestemd om voor de bevoegde macht tot overtuiging of bewijs te dienen, in zijn bediening onbruikbaar maken. Medewerker KMAR verduisterd slikkersbollen. Verdachte heeft door drugskoeriers uitgescheiden cocaïnebollen verduisterd. Dit gebeurde meermalen in een periode van ongeveer negen maanden en telkens terwijl hij werkzaam was in zijn functie van buitengewoon opsporingsambtenaar bij de Koninklijke Marechaussee in het Detentiecentrum op Schiphol. Teneinde ervoor te zorgen dat dit niet zou worden bemerkt, heeft verdachte - in ieder geval op 27 mei 2005 - de cameraopstelling die de spoelruimte filmt zo gemanipuleerd dat deze geen opnames kon maken van het ontvreemden door verdachte van een bol met cocaïne in de spoelruimte van het slikkertoilet. Ook heeft verdachte een productielijst, waarop het aantal geproduceerde bollen per slikker dient te worden ingevuld, door een nietsvermoedende collega verkeerd laten invullen door die collega te melden dat de betreffende drugskoerier minder bollen had geproduceerd dan werkelijk het geval was geweest. Hierdoor heeft verdachte niet alleen zichzelf bevoordeeld maar ook de strafrechtelijke procedure tegen bedoelde koerier beïnvloed. De rechtbank tilt zwaar aan het feit dat verdachte bij dit alles handelde uit hoofde van zijn functie als buitengewoon opsporingsambtenaar. Slechts in het feit dat verdachte niet eerder met politie en justitie in aanraking is geweest en in het feit dat verdachte als gevolg van de onderhavige strafzaak ontslagen is bij de Koninklijke Marechaussee, ziet de rechtbank reden een gedeelte van de op te leggen gevangenisstraf in voorwaardelijke vorm opleggen. Dit voorwaardelijk deel dient tevens als stok achter de deur opdat verdachte er in de toekomst van wordt weerhouden strafbare feiten te begaan. De rechtbank komt tot een lagere straf dan door de officier van justitie is geëist, aangezien de rechtbank deze onvoldoende recht vindt doen aan de aard en ernst van de bewezenverklaarde feiten.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
