ECLI:NL:RBHAA:2006:AY6875
Rechtbank Haarlem · 22-08-2006 · zaaknummer 15/635236-06
Inhoudsindicatie
Handel in cocaïne en XTC samen met (ex-)vriendin. Verdachte heeft zich gedurende een periode van enige maanden samen met zijn toenmalige vriendin op aanzienlijke schaal schuldig gemaakt aan de handel in cocaïne. De rechtbank neemt ten nadele van verdachte in aanmerking dat hij daarbij een leidende rol had. Hij onderhield voornamelijk de contacten met gebruikers, regelde de financiën, kocht de cocaïne in, versneed deze en verkocht deze daarna. Tevens verkocht hij XTC-pillen. Op het moment van zijn aanhouding was verdachte met zijn mededader bezig een nieuwe handelsvoorraad cocaïne aan te schaffen. Tevens had hij op dat moment een hoeveelheid XTC-tabletten in bezit. Cocaïne is een voor de gezondheid van personen schadelijke stof. De handel in cocaïne gaat gepaard met vele andere vormen van criminaliteit, waaronder ook de door gebruikers gepleegde strafbare feiten ter financiering van hun behoefte aan deze stof. Ook de door verdachte verkochte en inbeslaggenomen XTC-pillen die MDMA bevatten zijn vanwege de aan het gebruik daarvan verbonden gezondheidsrisico’s op lijst 1 bij de Opiumwet geplaatst. Verdachte heeft met voorbijzien aan de gezondheidsrisico’s voor de gebruikers puur uit winstbejag gehandeld.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
