ECLI:NL:RBHAA:2006:AX9444
Rechtbank Haarlem · 23-06-2006 · zaaknummer 15/500349-06
Inhoudsindicatie
Art. 2, 10 OW; art. 27 lid 4 Verdrag van Wenen; cocaïne vervoerd in een diplomatieke koffer. Cruciaal voor het oplossen van de door de raadsman opgeworpen kwestie is het antwoord op de vraag of de koffer die bij verdachte werd aangetroffen, moet worden aangemerkt als een diplomatieke koffer zoals bedoeld in artikel 27 lid 4 van het Verdrag van Wenen. (...) Een koffer kan slechts als een diplomatieke koffer worden beschouwd indien deze meerdere extern zichtbare kenmerken heeft. (...) Een diplomatieke tas dient een zegel van de zendstaat te hebben alsmede een etiket of label waarop duidelijk staat aangegeven dat het een diplomatieke tas betreft. Nu uit de stukken van het dossier blijkt dat de door verdachte meegevoerde koffer slechts voorzien was van zegellak, kan niet worden gezegd dat aan de gestelde eisen voor een diplomatieke koffer werd voldaan. Dat betekent dat in het overleg dat de desbetreffende douaneambtenaren hadden met de officier van justitie voordat zij overgingen tot het openen van de koffer, op goede gronden is vastgesteld dat het in casu niet ging om een diplomatieke koffer als bedoeld in meergenoemd Verdrag.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
