Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBGRO:2009:BL7136

Rechtbank Groningen · 04-08-2009 · zaaknummer AWB 08/925, 08/926 en 08/929 WW44

Bestuursrecht; OmgevingsrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Tussen partijen is niet in geschil, en de rechtbank neemt dit als een vaststaand gegeven aan, dat het onderhavige project direct grenst aan het beschermde gezicht Tusschendiepen. Uit dit gegeven, in samenhang bezien met het besluit van 8 augustus 2006 van GS, vloeit voort dat verweerder slechts toepassing kon geven aan de vrijstellingsbevoegdheid van artikel 19, tweede lid, van de WRO, indien er een verklaring van geen bezwaar was afgegeven door GS. De rechtbank stelt vast dat ten tijde van het nemen van het besluit op bezwaar door verweerder geen verklaring van geen bezwaar was afgegeven door GS. Hieruit volgt dat verweerder in strijd heeft gehandeld met het bepaalde in het voornoemde besluit van GS en niet bevoegd was om in het onderhavige geval vrijstelling in vorenbedoelde zin te verlenen ten behoeve van het project. Uit vaste jurisprudentie van de ABRS, onder meer kenbaar uit AB 2007/54, rust op verweerder de verantwoordelijkheid om op het moment dat vrijstelling wordt verleend of op het moment van een eventuele beslissing op bezwaar te beoordelen of de afgegeven verklaring van geen bezwaar voldoet aan de wettelijke vereisten en in overeenstemming is met het ruimtelijk, provinciaal beleid. Gelet op het voornoemde uitgangspunt acht de rechtbank de handelswijze van verweerder in het onderhavige geval onzorgvuldig. Aangezien er voorts sprake is van schending van een wettelijk voorschrift bij de totstandkoming van de onderhavige verklaring van geen bezwaar is er naar het oordeel van de rechtbank geen sprake van een vormgebrek dat met toepassing van het bepaalde in artikel 6:22 van de Awb geheeld kan worden. Het verzoek van verweerder daartoe wordt dan ook afgewezen. Evenmin bestaat er aanleiding om de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit op grond van het bepaalde in artikel 8:72, derde lid, van de Awb in stand te laten.

Advocaten

  • A. Gosselinga
  • A.J. Wiechertjes
  • W.J.T. Bustin

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • [appellant]

    appellant · onbekend

  • het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Veendam

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Veendam

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.