Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBGRO:2000:AA7923

Rechtbank Groningen · 11-10-2000 · zaaknummer AWB 99/78 WAO V13 AWB 00/284 WAO V13

Bestuursrecht; Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Artikel 97 staat eraan in de weg dat verweerder alsnog terzake van hetzelfde feit het OM heeft verzocht een strafvervolging in te stellen. Sedert de inwerkingtreding van de Wet boeten is het zogenaamde una via-beginsel vastgelegd. Dit beginsel heeft zijn weerslag gevonden in - onder meer - artikel 97 WAO. Verweerder heeft naar het oordeel van de rechtbank een keuze gemaakt voor de administratiefrechtelijke weg die, nu de daarbij behorende handelingen zijn verricht, gelet op de geschiedenis van onder meer de totstandkoming van onder meer artikel 97 WAO, als definitief moet worden aangemerkt. Dat het primaire boetebesluit nog niet in rechte onaantastbaar was, doet hieraan niet af. Blijkens de tekst van artikel 97 WAO en de wetsgeschiedenis is het moment van oplegging van de boete immers bepalend. De omstandigheid dat verweerder achteraf tot de conclusie is gekomen dat de keuze in strijd was met de Richtlijn fraude sociale verzekeringen en de aanbeveling in het opsporingsrapport, leidt evenmin tot een ander oordeel. Beroep gegrond. Landelijk instituut sociale verzekeringen, verweerder. mw.mr. G.Laman

Rechters

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.